Andere tonen in de lin­ker­hand

Tot nu toe heb je in de lin­ker­hand bij elk ak­koord al­leen de grond­toon aan­ge­slagen. In het ak­koord D heb je links een d ge­speeld en in het ak­koord G heb je links een g ge­speeld, en­zo­voorts. Je kunt ech­ter af en toe in de lin­ker­hand ook an­de­re to­nen dan de grond­toon pakken. Dat werkt voor­al goed op de laat­ste tel. Je kunt de toon dan door laten lopen naar de grondtoon die je speelt op de eerste tel die daarna komt.

Alicia Keys

La­ten we dat uit­leg­gen aan de hand van Fallin’ van Ali­cia Keys. Hier zijn de ak­koor­den daar­van nog een keer:

Em
Bm

We hebben gezien dat bas­noten in dit num­mer lo­gisch klin­ken op de eer­ste en zes­de tel. Je hebt daarbij op beide tellen de grond­toon van het ak­koord gespeeld. Je kunt echter op de zesde tel ook andere tonen spelen dan de grondtoon, zo­als de terts of de kwint. Als je gaat van Bm naar Em, kun je bij­voor­beeld op de zes­de tel d spe­len in plaats van b. Dat is immers de terts van het akkoord Bm. De pianopartij gaat dan als volgt klinken:

In plaats van de terts kun je ook de kwint van het ak­koord spe­len. Dat is dus de zwar­te toets uit het ak­koord. De ak­koor­den gaan dan zo klin­ken:

Je kent nu dus drie mo­ge­lij­ke to­nen om te spe­len in het akkoord Bm op de zes­de tel. Je kunt daar­tus­sen af­wis­se­len om de be­ge­lei­ding le­ven­dig te houden.

Basloopje

We heb­ben hier­bo­ven ge­zien dat je in de lin­ker­hand to­nen kunt spe­len die lei­den naar de grond­toon van het volgende ak­koord. Voor de­ze tech­niek be­staat er niet echt een term. We noe­men ze hier: ‘bas­loop­jes’ (omdat je naar de nieu­we grond­toon ‘loopt’).

Lang niet al­le to­nen zijn ge­schikt om lek­ke­re bas­loop­jes mee te ma­ken. Het werkt over het al­ge­meen goed om to­nen te nemen die dicht­bij de bas­noot van het nieu­we ak­koord lig­gen. dat je de niet de d speelt die vlak onder de e ligt, maar de d een octaaf lager. Dat klinkt zo:

Dit basloopje klinkt on­lo­gisch, om­dat de tus­sen­lig­gende toon niet dicht­bij de e ligt die je op de eers­te tel speelt en daar dus niet naar­toe loopt.

Je kunt het vergelijken met tussenstopjes op reis. Als je in je vakantie naar Spanje rijdt, kan het leuk zijn om onderweg nog een dagje Parijs te doen. Het ligt echter minder voor de hand om een tussenstop te maken in Kopenhagen.

Niet de nieuwe grondtoon

Hier is nog een re­gel voor het ma­ken van goe­de bas­loop­jes. Vermijd de grond­toon van het vol­gen­de ak­koord. Stel bij­voor­beeld dat je in het ak­koord Em een toon wilt spe­len die leidt naar Bm. Je zou dan de kwint kunnen spelen van het ak­koord, of­te­wel de noot b:

Je merkt dat deze ver­sie on­han­dig klinkt. De re­den daar­voor is dat de grond­toon van het vol­gen­de ak­koord al heeft ge­klo­nken voor­dat het ak­koord ei­gen­lijk be­gint en daar­mee dus al is ‘verklapt’.

Sa­men­vat­tend: in een bas­loop­je kun je het bes­te to­nen ge­brui­ken die dicht­bij de vol­gen­de bas­noot lig­gen, maar niet de bas­noot zelf.

2
2